Marco bekeek de foto.
‘Uw vader kende haar?’
Luca knikte langzaam.
‘Blijkbaar.’
Hij liep naar het bureau en opende de bovenste lade.
Leeg.
De tweede lade.
Leeg.
De derde lade zat op slot.
Hij pakte een kleine sleutelbos uit zijn jas en probeerde verschillende sleutels.
Bij de vierde klikte het slot open.
Binnenin lag een bruine map.
Op de voorkant stond:
PROJECT ELENA.
Luca opende de map.
Het eerste document was een geboorteakte.
De naam van het kind:
Alessandra Isabella Moretti.
Daaronder stond een tweede document.
Een overeenkomst tussen drie families.
De familie Moretti.
De familie Rossi.
En de familie Hayes.
Luca begon te lezen.
Zijn ogen gingen steeds sneller over de regels.
Toen stopte hij.
‘Marco.’
‘Ja?’
‘Lees dit.’
Marco nam het document aan.
Zijn gezicht werd langzaam bleek.
In de overeenkomst stond dat het kind van Isabella Moretti en Antonio Rossi op haar achttiende verjaardag de beschikking zou krijgen over een aanzienlijk familiefortuin.
Maar er was een voorwaarde.
Als zij trouwde met een erfgenaam uit de familie Rossi, zou de volledige controle over de nalatenschap automatisch worden overgedragen aan haar echtgenoot.
Luca keek naar de laatste pagina.
Daar stonden de handtekeningen.
Zijn vader.
Richard Hayes.
En Isabella Moretti.
Maar er was nog een vierde handtekening.
Een handtekening die hij kende.
Zijn eigen handtekening.
Luca staarde ernaar.
Hij had dit document nooit gezien.
Toch stond zijn naam erop.
Hij draaide de pagina om.
Op de achterkant stond een datum.
De dag waarop hij zijn eerste zakelijke contract had ondertekend.
Hij was toen negentien.
En zijn vader had hem verteld dat het een gewone overeenkomst over zijn toekomstige rol binnen het bedrijf was.
Luca voelde zich misselijk.
‘Ze hebben mijn handtekening vervalst.’
Marco keek naar hem.
‘Het lijkt erop.’
Luca sloeg de volgende pagina open.
Daar stond een foto van Alessandra.
Ze was ongeveer zestien jaar oud.
Ze stond voor een universiteitsgebouw, met een rugzak over haar schouder en haar haar in een losse paardenstaart.
Onder de foto stond een notitie.
Doelwit geïdentificeerd. Eerste contact toegestaan.
Luca liet de map zakken.
Hij herinnerde zich hun eerste ontmoeting.
Een boekenwinkel.
Een regenachtige middag.
Alessandra had een stapel boeken laten vallen en hij had haar geholpen ze op te rapen.
Ze had hem bedankt.
Hij had haar gevraagd of ze koffie wilde drinken.
Ze had gelachen.
Hij had gedacht dat het toeval was.
Maar volgens het document was het begin van een opdracht geweest.
Hij sloeg de volgende pagina om.
Daar stond een lijst met data.
De eerste keer dat hij haar mee uit eten nam.
De eerste keer dat hij haar aan zijn moeder voorstelde.
De dag waarop hij haar ten huwelijk vroeg.
Naast iedere datum stond een korte aantekening.
Vertrouwen neemt toe.
Emotionele afhankelijkheid bevestigd.
Toegang tot familiearchieven mogelijk.
Luca voelde zijn keel dichtknijpen.
Hij had niet alleen haar vertrouwen misbruikt.
Hij had jarenlang een dossier bijgehouden over haar gevoelens.
Marco legde voorzichtig een hand op de map.
‘We moeten dit aan uw advocaat geven.’
Luca knikte niet.
Hij keek naar de laatste pagina.
Daar stond een handgeschreven bericht.
Het was niet van zijn vader.
Het was van Isabella.
Als mijn dochter ooit ontdekt wat jullie hebben gedaan, zorg er dan voor dat ze de waarheid hoort voordat iemand haar opnieuw gebruikt.
Daaronder stond een naam.
Gabriel Moretti.
Luca sloot de map.
Toen ging zijn telefoon.
Een bericht.
Van een onbekend nummer.
Ze is bij mij. Ze is veilig. Maar als je haar ooit terug wilt zien, moet je eindelijk de waarheid vertellen over de nacht waarop haar moeder verdween.
Luca staarde naar het scherm.
Hij antwoordde onmiddellijk.
Wat wil je?
Het antwoord kwam binnen enkele seconden.
Ik wil dat je kiest tussen je familie en je vrouw.
Luca keek naar Marco.
‘Maak de auto klaar.’
‘Waar gaan we heen?’
Luca stopte de map in zijn aktetas.
‘Om mijn vrouw terug te halen.’
Die avond zat ik tegenover Gabriel aan een lange houten tafel.
Er stonden twee koppen thee tussen ons in.
Ik had nog steeds niet gegeten.
Mijn gedachten bleven terugkeren naar Luca.
Ik wilde hem haten.
Het zou gemakkelijker zijn geweest als ik hem gewoon had kunnen haten.
Maar mijn hart herinnerde zich nog steeds de man die mijn hand had vastgehouden tijdens mijn eerste vliegreis. De man die midden in de nacht naar een apotheek was gereden omdat ik koorts had. De man die me op onze trouwdag had aangekeken alsof ik de enige vrouw ter wereld was.
En nu wist ik niet eens of die herinneringen echt waren.
‘Waarom heeft u mij nooit eerder gezocht?’ vroeg ik.
Gabriel legde zijn kopje neer.
‘Omdat ik niet wist waar je was.’
‘Dat geloof ik niet.’
Hij keek me aan.
‘Je vader heeft je verborgen gehouden. Na de verdwijning van Isabella veranderde hij jullie namen. Hij verbrak alle contacten met onze familie.’






