Ik kon geen woord uitbrengen.
“Waarom heb je dan tegen Grant gezegd dat je Theo wilde adopteren?”
“Omdat Grant me niet vertrouwde. Ik moest hem laten geloven dat ik aan zijn kant stond.”
“En de armband?”
Savannah keek naar haar pols.
“Die heeft Grant me gegeven. Hij wilde dat ik hem droeg tijdens het gesprek bij Harbor Ridge. Hij zei dat het zou helpen om jou als afwezige echtgenote geloofwaardig te maken.”
“Waarom heb je hem aangenomen?”
“Omdat ik bewijs nodig had.”
Ik keek naar haar.
“Je had me kunnen waarschuwen.”
“Dat kon niet.”
“Waarom niet?”
Ze keek naar Richard.
“Omdat iemand anders jouw huis liet bewaken.”
Op dat moment hoorde ik boven een deur dichtgaan.
Ik draaide me om.
Theo.
Ik rende naar de trap.
Maar voordat ik de eerste trede bereikte, hoorde ik een stem achter me.
“Elise.”
Het was Grant.
Hij stond in de open voordeur.
Zijn gezicht was bleek, zijn das hing los en zijn rechterhand bloedde.
Hij keek naar Richard.
“Je hebt me verraden.”
Richard glimlachte.
“Nee, jongen. Ik heb je alleen nooit verteld wie je werkelijk bent.”
Grant keek naar mij.
“Elise, haal Theo weg.”
Ik bleef staan.
“Wat is er gebeurd?”
Hij keek naar de trap.
“Ze komen eraan.”
“Wie?”
Grant slikte.
“De mensen die Claire al die jaren hebben gezocht.”
En toen klonk er buiten een harde klap.
De ramen trilden.
Maren dook instinctief weg.
Richard trok Savannah achter zich.
Grant greep mijn arm.
“Waar is de beer?”
Ik keek hem aan.
“Welke beer?”
“De knuffelbeer van Theo!”
Ik voelde de sleutel onder de stof van zijn linkeroor.
Grant zag mijn blik.
“Elise, luister naar me. De sleutel mag niet in handen van mijn vader vallen.”
Richard lachte zacht.
“Je bent te laat, jongen.”
Hij haalde een telefoon uit zijn zak en hield die omhoog.
Op het scherm stond een livebeeld van Theo’s slaapkamer.
Mijn bloed stolde.
Ik draaide me om en rende naar boven.
De deur van Theo’s kamer stond open.
Het bed was leeg.
Zijn knuffelbeer lag op de vloer.
Het raam stond open.
Ik schreeuwde zijn naam.
“THEO!”
Beneden hoorde ik Maren om hulp roepen.
Toen zag ik op de vloer een klein blauw stukje stof.
Het was afkomstig van Theo’s pyjama.
Naast het raam lag een briefje.
Ik raapte het op.
Er stond slechts één zin op.
Als je je neef terug wilt, kom dan alleen naar de oude haven.
Ik keek naar het briefje.
Mijn neef.
Niet mijn zoon.
Niet mijn pleegkind.
Mijn neef.
En onderaan stond een handtekening die ik onmiddellijk herkende.
Claire.
Ik weet niet meer hoe ik beneden kwam.
Maren stond bij de voordeur aan de telefoon met de politie. Savannah zat op de trap en huilde. Richard was verdwenen.
Grant stond midden in de hal.
“Waar is Theo?” vroeg hij.
Ik hield het briefje omhoog.
Hij las het.
Zijn gezicht veranderde.
“Nee.”
“Wat?”
“Dat is niet Claire’s handschrift.”
“Het staat onder haar naam.”
“Dat betekent niets.”
“Waar is ze dan?”
Hij keek me aan.
“Ik weet het niet.”
Ik greep zijn jas.
“Je gaat me nu alles vertellen.”
“Elise—”
“Geen leugens meer. Geen waarschuwingen. Geen halve waarheden. Je hebt mijn zus zes jaar lang voor me verborgen. Je hebt mijn naam gebruikt om Theo weg te halen. Je hebt mijn huis laten bewaken. En nu is hij verdwenen.”
Grant keek naar de trap.
“Richard heeft hem meegenomen.”
“Waarom?”
“Omdat hij denkt dat Theo hem naar de administratie kan leiden.”
“Welke administratie?”
Grant haalde diep adem.
“De administratie die Claire heeft gevonden. Het bewijs dat mijn vader jarenlang geld heeft weggesluisd via fictieve bedrijven.”
“Waarom zou Theo weten waar dat ligt?”
“Omdat Claire het hem heeft verteld.”
“Maar hij is acht!”
“Ze heeft hem iets gegeven zonder hem te vertellen wat het betekende.”
Ik liet zijn jas los.
“Wat dan?”
Grant keek naar de knuffelbeer die op de vloer lag.
“Een sleutel.”
Ik haalde de beer op.
De naad aan het linkeroor was opengetrokken. Het kleine metalen voorwerp was verdwenen.
Ik voelde mijn benen slap worden.
“Ze hebben de sleutel.”
Grant knikte.
“En als Richard weet welke kluis erbij hoort, kan hij alles vernietigen.”
“Dan gaan we naar de politie.”
“Dat kan niet.”
Ik keek hem ongelovig aan.
“Wat bedoel je?”
“Mijn vader heeft mensen bij de politie.”
“Dat is geen reden om niets te doen.”
“Elise, je begrijpt het niet. Als we nu naar de verkeerde mensen gaan, verdwijnt Theo voorgoed.”
Maren kwam naar ons toe.
“Ik heb de politie gebeld. Ze sturen een eenheid.”
Grant draaide zich naar haar.
“Wie heb je gebeld?”
“De centrale.”
“Welke regio?”
Maren keek hem strak aan.
“Dat is niet jouw zaak.”
Hij sloot zijn ogen.
“Dan hebben we een probleem.”
Zijn telefoon ging.
Hij keek naar het scherm en nam op.
“Ja?”
Ik zag zijn gezicht langzaam veranderen.






