‘Dat is goed.’
Ik keek hem onderzoekend aan.
‘Waarom heb je me geholpen?’
Hij trok een stoel naar voren.
‘Omdat iemand dat moest doen.’
‘Dat kan niet alles zijn.’
Hij keek even naar Chloe voordat hij antwoordde.
‘Nee. Dat is niet alles.’
Hij legde een dunne map op het tafeltje naast mijn bed.
Op de voorkant stond de naam van mijn bedrijf.
VERTEX TECHNOLOGIES.
Ik verstijfde.
‘Waar heb je dat vandaan?’
‘Uit de openbare bedrijfsdocumenten. En uit het dossier dat mijn juridische afdeling al enkele weken bestudeert.’
Mijn maag trok samen.
‘Waarom bestudeert jouw juridische afdeling Vertex?’
Daniel keek mij recht aan.
‘Omdat Sterling Global probeert jouw bedrijf over te nemen.’
Ik voelde de kamer plotseling kleiner worden.
‘Dat weet ik.’
‘Nee, Maya. Je weet dat ze een overnamevoorstel hebben gedaan. Je weet niet wat er werkelijk achter zit.’
Ik keek naar de map.
‘Wat bedoel je?’
Hij opende hem.
Op de eerste pagina stond een organigram van verschillende bedrijven.
Op de tweede pagina stonden banktransacties.
Op de derde pagina stond een lijst met namen.
En helemaal onderaan stond mijn naam.
MAYA BENNETT.
Ik keek op.
‘Wat is dit?’
Daniel vouwde zijn handen in elkaar.
‘Richard Sterling probeert Vertex niet alleen over te nemen. Hij probeert de controle te krijgen over een technologieplatform dat jouw bedrijf vier jaar geleden heeft ontwikkeld.’
‘Ons beveiligingsplatform?’
‘Precies.’
Ik voelde een koude rilling over mijn rug lopen.
Vertex had een systeem ontwikkeld dat financiële transacties kon volgen en ongebruikelijke geldstromen kon identificeren. Het was oorspronkelijk bedoeld om fraude bij grote ondernemingen op te sporen.
Het systeem was inmiddels een van onze waardevolste producten geworden.
Maar er was iets wat bijna niemand wist.
Ik had persoonlijk de eerste versie van het algoritme geschreven.
Ik was niet alleen vicevoorzitter.
Ik was een van de oorspronkelijke oprichters.
En ik bezat nog steeds een aanzienlijk aandelenpakket.
‘Waarom wil Sterling dat systeem zo graag?’ vroeg ik.
Daniel schoof een document naar me toe.
‘Omdat het iets kan vinden wat hij absoluut verborgen wil houden.’
Ik las de eerste regels.
Mijn hart begon sneller te kloppen.
Er stonden verwijzingen naar offshorebedrijven, onbekende investeerders en transacties die teruggingen tot vijf jaar geleden.
‘Dit zijn betalingen aan zijn eigen ondernemingen.’
Daniel knikte.
‘En dat is nog maar het begin.’
Ik keek opnieuw naar de documenten.
‘Heb je bewijs?’
‘We verzamelen het.’
‘Dan moet je naar de autoriteiten.’
‘Dat gaan we doen.’
Hij zweeg even.
‘Maar eerst moet ik je iets vertellen.’
Zijn gezicht werd ernstig.
‘De man die Richard Sterling vandaag op het vliegtuig wilde krijgen om de fusie te ondertekenen, was niet alleen een investeerder.’
‘Wie dan?’
Daniel haalde een tweede document uit de map.
‘De voorzitter van jouw raad van bestuur.’
Ik voelde mijn adem stokken.
‘Dat is onmogelijk.’
‘Zijn naam staat hier.’
Ik las hem.
Jonathan Pierce.
Mijn eigen voorzitter.
De man die mij vijf jaar eerder had geholpen om Vertex uit te bouwen.
De man die bij mijn promotie een toespraak had gehouden.
De man die mijn hand had vastgehouden toen mijn moeder overleed.
Ik keek naar Daniel.
‘Waarom zou Jonathan met Sterling samenwerken?’
Daniel antwoordde niet onmiddellijk.
Toen zei hij iets waardoor ik het gevoel kreeg dat mijn hele leven zojuist was veranderd.
‘Omdat hij al drie jaar voor hem werkt.’
De volgende ochtend werd ik wakker van het geluid van mijn telefoon.
Het was 06.17 uur.
Er stonden zevenentwintig gemiste oproepen.
Twaalf van mijn collega’s.
Negen van onbekende nummers.
Vier van mijn advocaat.
En twee van Jonathan Pierce.
Ik opende het laatste bericht.
\* M Maya, we moeten onmiddellijk spreken. De situatie is uit de hand gelopen. Ik verzoek je dringend om geen verklaringen af te leggen voordat we elkaar hebben gesproken.\*
Ik staarde naar het scherm.
Daarna verscheen een tweede bericht.
Je begrijpt niet wat je gisteren hebt veroorzaakt.
Ik las de zin opnieuw.
Niet wat Richard had veroorzaakt.
Niet wat hij mij had aangedaan.
Wat ík had veroorzaakt.
Ik legde de telefoon neer.
Een verpleegkundige kwam binnen om mijn bloeddruk te meten.
‘Goedemorgen, mevrouw Bennett.’
‘Goedemorgen.’
‘Hoe voelt u zich?’
‘Beter. Denk ik.’
Ze glimlachte.
‘Uw baby heeft vannacht goed gereageerd. De arts wil u vandaag nog een tijdje observeren.’
Ik knikte.
‘Mag ik mijn laptop hebben?’
Ze keek twijfelend.
‘Misschien kunt u beter eerst ontbijten.’
‘Ik moet werken.’
‘Mevrouw Bennett…’
‘Er zijn mensen die mijn bedrijf proberen over te nemen terwijl ik hier lig.’
Ze keek naar mijn gezicht en zuchtte.
‘Ik zal kijken wat ik kan regelen. Maar u moet beloven dat u niet gaat overdrijven.’
Ik glimlachte zwak.
‘Dat beloof ik.’
Toen ze vertrok, keek ik opnieuw naar mijn telefoon.
Er verscheen een nieuw bericht.
Dit keer van een onbekend nummer.
Je moet ophouden met zoeken naar informatie over Sterling. Je weet niet wie je tegen je hebt.






